
Vlooienallergie is bij onze huisdieren een zeer veel voorkomende ziekte. Vooral bij honden wordt het vaak gezien. De dieren zijn overgevoelig voor het speeksel van de vlo. Telkens als een vlo het dier steekt om bloed te zuigen, brengt hij een beetje speeksel in het steekwondje waardoor het bloed niet direkt stolt, en de vlo kan drinken. De overgevoeligheidsreaktie veroorzaakt meestal heftige en langdurige jeuk. Iedere keer als een vlo het dier steekt treedt deze reaktie opnieuw op. Een intensieve vlooien-bestrijding is belangrijk bij deze problemen, maar meestal niet voldoende. Immers: iedere hond of kat loopt ondanks een goede vlooienbestrijding wel eens een vlo op, met als gevolg: nieuwe allergische reakties met heftige jeuk.
Waarschijnlijk speelt erfelijke aanleg een belangrijke rol bij het ontstaan van vlooienallergie. Daarnaast is het ook van groot belang hoeveel vlooien er in de omgeving van het dier verkeren, m.a.w. hoe vaak het dier gestoken wordt. Leeftijd speelt geen rol: vlooienallergie zien we zowel bij jonge als bij oudere dieren.
Bij de behandeling van vlooienallergie is het van belang om de vlooien voortdurend zo goed mogelijk te bestrijden (zie vlooienbestrijding). De meeste dieren met een vlooien-allergie reageren daar echter niet voldoende op. Er moet meer gebeuren.
We proberen de allergische reaktie te onderdrukken met medicamenten. Meestal worden hiervoor corticosteroiden gebruikt (dexamethason, prednisolon enz.).
Als men deze medicijnen op de juiste manier gebruikt, is het effekt snel en goed, en zijn de bijwerkingen uiterst gering. De allergie gaat niet over, maar wordt slechts onderdrukt. Zodra men stopt met de behandeling komen de klachten terug. Een andere mogelijkheid is hyposensibilisatie. Hierbij wordt de allergie bestreden door regelmatige injecties met een speciaal bereide oplossing van het vlooienspeeksel. Uiteindelijk blijven de klachten weg, mits men op tijd de injecties blijft geven. Voordeel van deze behandeling is dat er geen bijwerkingen optreden. Nadelen van deze behandeling zijn het behoorlijk hoge prijskaartje, het feit dat men zelf injecties moet geven aan het dier, en het feit dat een maandenlange behandeling toch nog wel eens op een teleurstellend resultaat uitdraait.
Bij veel dieren met een vlooienallergie zullen de problemen jarenlang de aandacht blijven eisen. De aandoening verloopt zeer chronisch. Compleet herstel waarbij geen medicijnen gegeven hoeven te worden, is niet te verwachten. Met medicijnen en een goede vlooienbestrijding is echter meestal wel een houdbare situatie voor dier en eigenaar te verkrijgen.